Augustus 2020

taalkronkels

TAALKRONKELS – Deel I

Het spreken van een andere taal is niet altijd even makkelijk en maar al te vaak worden zinnen en woorden te letterlijk vertaald van de eigen moedertaal naar de andere taal. Gebeurt dat vaker dan noemt men dat een ‘storing’ ofwel een taalpatroon van de moedertaal dat iemand in zijn/haar hoofd heeft en voor ‘storingen’ zorgt bij de te spreken vreemde taal.

Onderstaand geven we een klein overzicht van enkele van die ‘storingen’ die kunnen voorkomen bij Nederlandstaligen die het Spaans willen spreken maar de grammatica nog niet zo goed onder de knie hebben. Dat kan soms voor vreemde en komische situaties zorgen maar al doende leert men dus …. dit zijn de bekendste taalkronkels.

Soy 40 años

Letterlijk zeg je met ‘soy 40 años’ in het Nederlands ‘ik ben 40 jaar’ maar in het Spaans HEB je een leeftijd want die is van jou. Daarom gebruikt men het werkwoord TENER’ wat hebben is: ‘TENGO 40 años’ wat dus ‘ik heb 40 jaar’ betekent.

Uno momento

Het gebeurt maar al te vaak dat men ‘uno momento’ zegt maar dat is niet correct. UNO is het getal één en is geen onbepaald lidwoord. Dat zijn namelijk un en uno (mannelijk) en una, unas (vrouwelijk). Het is dus ‘UN momento’.

Es bien

Op deze manier zeggen veel mensen dat het goed is maar dit is niet correct. Het woord BIEN is een bijwoord en mag niet gebruikt worden in combinatie met het werkwoord SER. Correct is om te zeggen ‘ES BUENO’ of de combinatie estar met bien als men wil zeggen ‘está BIEN’ of ‘estar BIEN’.
De volgende keer nog meer taalkronkels die een vertaler Spaans regelmatig onder ogen krijgt!